Het is zoals het altijd is…veel te lang geleden. De vorige
keer zat ik met Amie nog in het café en hadden we net een intensieve discussie
gehad over liefde en de onmogelijkheden daarvan. Wat daarna is gebeurd is
eigenlijk niet veel bijzonders…we hebben nog wat zitten filosoferen over
vreemde onderwerpen zoals of stadsbussen eigenlijk wel tanken? We hadden
allebei nog nooit een stadsbus zien tanken(inmiddels dankzij enkele oplettende
collega’s weer wel). Een andere vraag was of it consultants niet gewoon nerds
waren met een slightly better taste for fashion. Enfin… allemaal onzin zoals je
leest. Het was inmiddels ook al wat later geworden en de regen was voorbij. We
gingen uit elkaar, eigenlijk zonder af te spreken. Ik denk dat wij elkaar zo
suf geluld hadden en er zoveel stof tot nadenken in ons hoofd rondwaarde dat we
eigenlijk niet eens stil stonden bij een vervolg afspraak.
Ik had ook eigenlijk niet echt de tijd, tentamen maken,
afstuderen en werken waren vrij grote energie consumers geweest de afgelopen
maanden. Behoefte aan diepgaande gesprekken en licht filosofische
bespiegelingen had ik niet echt. Maar alsof uit het niets kreeg ik afgelopen
zondag een sms van Amie, ze zei dat ze in de buurt was en in een cafeetje bij
mij in de buurt al op me zat te wachten.
‘ Waarom spreken wij elke keer in vreemde cafeetjes af?’
vroeg ik haar toen ik binnenkwam, ‘ Bij mij in de buurt zijn alleen maar
vreemde cafeetjes en op miraculeuze wijze sta ik nu wederom in een tent waar ik
eigenlijk had gezworen nooit naar binnen te durven.’
Ik zei dit iets te hard want de mevrouw achter de bar keek
mij zeer bedenkelijk aan. Ik lachte naar haar met een zo eerlijk mogelijk
overkomende ‘geintje’ uitdrukking op mijn gezicht. Of het overkwam weet ik
niet. Ik betwijfel het sterk want de koffie dir ik bestelde daarna was nu niet
echt van hoogstaande kwaliteit. Dat heb je verdiend dacht ik bij mijzelf. Waarschijnlijk dacht ik dat net iets
te hardop want Amie begon me keihard uit te lachen.
Toen ze weer een beetje tot rust was gekomen vroeg ze aan me
hoe het met me ging.
‘ Ach, eigenlijk wel heel erg goed. Studie is klaar,
rijbewijs bijna binnen en lekker aan het werk. Ik mag niet klagen’ antwoordde
ik.
Meestal verwacht en krijg je dan een enthousiast
bevestigende reactie. Maar niet van Amie, ze keek me heel lang aan. Alsof ze me
niet geloofde. Ze bleef maar stil en ze bleef maar staren. Ik begon mij
langzaamaan ongemakkelijk te voelen.
‘Wat is er? Wat kijk je! Ik heb toch niets vreemds gezegd?’
verbrak ik de stilte die voor mijn gevoel meer dan een minuut had geduurd.
Even nog bleef ze me aankijken voordat ze van houding
veranderde en er iets van de spanning wegviel, die daarna direct weel werd
opgebouwd toen ze begon met
‘Nou ,’
en weer een korte
stilte.
‘ Ik weet het niet helemaal, ik vind het natuurlijk geweldig
dat je je studie hebt afgerond en je aan het werk bent en bijna een auto kunt
rijden. Meestal zal ik ook zeggen, nou goh wat leuk voor je zeg, maar ik heb
een soort onderbuik gevoel dat je niet compleet gelukkig bent. Er is iets dat
je nog onrustig maakt. En dat vind ik best raar om je dit nu te zeggen terwijl
ik je feitelijk nog helemaal niet zo lang ken. Maar ik heb het gevoel dat ik
jou wel goed begrijp en je goed aanvoel.’
Ik was met stomheid geslagen. Ik had echt geen idee waar ze
het nu over had en welke kant ze hiermee op wilde. Het enige en meest logisch
dat ik terug wist te zeggen was te vragen wat ze nu precies daarmee bedoelde.
‘Vorige keer dat we elkaar spraken was jij, en ik overigens
ook, heel erg openhartig over de liefde en de onmogelijkheid daarvan. Over
goede vriendschappen die je niet op het spel wilt zetten vanwege de angst kwijt
te raken wat je nu hebt. Dat heeft mij aan het denken gezet. En ik had
eigenlijk gehoopt jou ook. Dus toen ik met je vroeg hoe het met je ging hoopte
ik eigenlijk te horen te krijgen hoe het echt met je gaat. Of je nog steeds gebukt
gaat onder dat verstikkende dilemma waar jij jezelf in gevangen houd.’
‘Ehh, tsja, dat wist ik niet dat je daar op doelde.
Natuurlijk heb ik daar ook bij stil gestaan. Eigenlijk sta ik daar elke dag bij
stil. Ik haat mijzelf zelfs zo af en toe. Gewoon omdat ik niet eens een stap
durf te nemen. Altijd maar op safe. Maar aan de andere kant ben ik heel erg met
mijzelf bezig om te veranderen.’
‘ Veranderen? Wat is er dan mis met je?’
‘Nou ja, er is niet zo heel erg veel mis, maar alles wat
beter kan pak ik graag op. Ik streef dagelijks voor een betere versie van
mijzelf…een soort permanent upgrade proces.’
‘ Een watte?’
‘Ow sorry,’ zeg ik lachend,’ It’er hè, dan krijg je je dat
je soms wel eens nerd achtige taal uitkraamt. Maar ik loop elke keer weer tegen
dingen aan die ik aan mijzelf wil verbeteren en waarvan ik weet dat ik ze kan
verbeteren. Zo ben ik een lange tijd bezig geweest mijn neiging to introvert
gedrag onder controle te krijgen (en met succes vind ik zelf). Extravert zal ik
nooit worden maar beter kan altijd. Maar zo heb ik ook de neiging vooral accent
te leggen op negatieve dingen. Dingen die ik niet kan, niet wil etc. Ik zie
eerder beperkingen van iets dan dat ik de mogelijkheden zie. Een lichtelijk
pessimistische instelling. Op zich niet verkeerd natuurlijk om bewust te zijn
van de mogelijk en onmogelijkheden van dingen. Maar ik moet, wanneer het
mijzelf betreft, me niet slechter doen voorkomen dan ik werkelijk ben.’
Ze kijkt me bedenkelijk aan en vraagt:’ Dat moet je even
uitleggen.’
‘Eigenlijk is het heel erg simpel, ik zie positieve
eigenschappen, kwaliteiten en prestaties van mijzelf als een gegeven, een
constante, niet als iets bijzonders. Ik zie eerder dat ik ergens niet toe in
staat ben dan aan te geven waar ik wel toe in staat ben. Dit beperkt vooral
mijzelf. Ik baal dan zo erg van mijzelf dat ik dat niet kan, of niet zo goed
kan dat ik datgene wat ik wel kan compleet uit het oog verlies.’
‘Je ziet dus het positieve als neutraal en iets dat gewoon
logisch is en net negatieve als iets bijna onoverkomelijks?’
‘ Ja, zo kun je het wel stellen ja. Ik zal een voorbeeld
geven. Mijn afstuderen zie ik niet als
een bijzondere prestatie. Ik zie het meer als een gegeven, als iets dat logisch
is want ik ben niet voor niets aan die studie begonnen. Sterker nog, in plaats
van trots te zijn op de afronding van deze studie heb ik een gevoel van hè
hè…eindelijk! Dus daarom begon ik bewust de positieve dingen op te noemen die
de afgelopen tijd zijn gebeurd zonder direct te verzuchten dat ik gek van
mezelf wordt wat betreft ons vorige gesprek over de liefde.’
‘Aha, interessant. En hoe voel je je daar dan bij als je
probeert bewust positieve dingen over jezelf te benadrukken?’
‘Ja,dat voelt erg prettig’ zeg ik lachend,’het geeft zelfs
een nieuw soort van zelfvertrouwen en dat voelt er prettig. Al vind ik van
mezelf wel dat ik niet moet overdrijven want ik wil absoluut geen verwaande
kwast worden.’
‘Toch weer dat kleine negatieve kantje eraan hè’ zegt ze
vergezeld door een knipoog ‘ maar is dat het enige waar je aan werkt momenteel
in de nieuwe, geüpdate versie van jezelf?’
‘Nee, ik dit is slechts een klein ‘side projectje’ ben met
nog veel meer dingen bezig maar dat vertel ik zodirect allemaal wel. Eerst even
een fatsoenlijk kopje koffie halen.
Like
