Even kort terugblikkend, we zaten in het café en buiten was
het verschrikkelijk weer. Amie zou haar verhaal vertellen, gewoon alles en ik
zou luisteren, vooral heel goed luisteren. Amie zocht naar een begin van haar
verhaal terwijl ik mijn warme choco opdronk. Ik verwissel het beeld van de
bodem van mijn beker met bruine drab onderin voor een glimlachende Amie
tegenover mij. ‘Zal ik dan maar?’ Vraagt ze. En ik antwoord: ‘Ik neem aan dat
dat een retorische vraag is dus barst los’.
‘Wat is mijn levensmotto, daar zit ik eigenlijk een beetje
mee in mijn maag’ begint ze. Ik kijk haar aan met een blik van ‘begint dat
zo?’. Maar ze gebaard gebiedend dat ik maar beter mijn mond kan houden.
‘Kijk, als je van die portretinterviews leest of op Internet
van die profielsites, dan heeft iedereen wel een levensmotto. ‘Carpe Diem’ is
natuurlijk de meest gehoorde. Maar dan kun je wat mij betreft net zo goed niets
invullen. Ik kan mij moeilijk voorstellen dat alle mensen dit motto aanhangen
’s morgens bij het opstaan denken dat ze van deze dag de beste dag van hun
leven maken en er intens van te gaan genieten. Dat kan gewoon niet je eerste
gedachte zijn als je wakker wordt. Als het je wel lukt geweldig en pluk de dag.
Maar mij hou je niet voor de gek als je wakker wordt en je al precies weet wat
je die dag allemaal voor saaie taken moet verrichten. Dat noem je niet
levensgenieten maar gewoon je levensverbruik. Het is anders als er iets leuks
in het verschiet ligt. Vroeger als kind kon je de nacht voor je verjaardag nauwelijks
de slaap vatten om nog maar te zwijgen over het vroege tijdstip waarop je
wakker werd in afwachting van je cadeaus. Maar het lijkt erop dat je naarmate
je ouder wordt dat allemaal een beetje verleerd. Je verjaardag doet je niet
meer zoveel als eerst, je leven zit vol met allerlei verplichtingen en je weet
vaak ’s ochtends al wat je ’s avonds gaat doen. Je wereld is groter maar ook
ingewikkelder. Als kind heb je je wijk, en dat is jouw wereld. Daarin heb je je
school, je huis, je vriendjes en de supermarkt. In die tijd past zeker het
motto Carpe Diem. Je weet aan het eind van de dag niet of je Power Rangers gaat
spelen, of voetballen of wellicht tikkertje. Enige zekere is, is dat je voor
het donker thuis moet zijn. Maar als dat het enige is.’
‘Dus als ik het goed begrijp wil jij het motto: Leeft zoveel
mogelijk als een kind’ gaan nastreven?’ merk ik op.
‘Nee, ik denk het niet. Hoewel het me wel trekt denk ik niet
dat je daar als mens verder in komt.’ Antwoord Amie.
‘Maar, men zegt toch altijd geluk zit in kleine dingen en de
wereld van een kind is simpel, klein en overzichtelijk. Dat is toch prachtig.
Bijna iedereen denk toch vaak met weemoed terug aan zijn jeugd? Wat is er dan
mis mee, je zegt verder komen als mens. Daarmee ga je er dus vanuit dat je motto
iets met vooruitgang te maken moet hebben.’
‘Precies!’ zegt Amie niet iets te luidt waardoor het café
ineens doodstil wordt. Wanneer het geroezemoes weer terugkeert alsmede de
normale huidskleur op Amie haar gezicht gaat ze verder. ‘Dat moet jij helemaal
begrijpen als oud topsporter, ja ik heb je site goed gelezen hoor. In de
(top)sport maak je momenten mee van intens verdriet en intense pijn maar ook
van intense vreugde. Je leert jezelf kennen in extreme situaties op fysiek en
mentaal gebied. Verdriet wanneer je hebt afgezien en geluk wanneer je jezelf
hebt overtroffen. Een normaal mens zal in zijn leven nooit zulke emoties
meemaken. Ja, wellicht als een dierbare overlijd maar daar houd het dan ook
zo’n beetje bij op. Je hoort vaak ‘stilstand is achteruitgang’ maar dat is niet
echt een levensmotto. Het zou betekenen dat je nooit even stil mag blijven
staan om nou eens gewoon te kijken waar je vandaan komt en waar je heen wilt
gaan. Je krijgt het idee dat je leven zich afspeelt in een wedstrijd.’
Ze pauzeert even omdat de mensen aan het tafeltjes achter
ons vertrekken en de stoel keihard tegen de rugleuning van Amie aan schuiven.
Geklemd tussen tafel en stoel trekt ze een tekenfilmachtig gezicht. Met een
vernietigende blik kijkt ze de twee mensen het café uit, lacht en gaat weer
gemakkelijk zitten.
‘Waar was ik ook alweer gebleven?’ vraagt ze.
‘Je gaat waarschijnlijk nu iets vertellen over de
individualistische en materialistische maatschappij.’ Antwoord ik.
‘Ja, precies. Het draait bij mensen tegenwoordig enkel om
status. Beter zijn dan de ander en meer hebben dan de ander. Op zich is dat
niet een heel slechte eigenschap. Het wordt pas ergerlijk als men het gaat
uitdragen. Dan krijg je een soort wedstrijd naar meer, hoger, beter en harder. Een
onwenselijke situatie in mijn ogen. Op zulke momenten komt het slechtste in
mensen naar boven. Haantjes, ego’s en eikels worden gekweekt en daar wil je
niet tussen zitten lijkt me. Het leven is ook geen wedstrijd. Maar wat is het
dan wel? Stel ik wordt ooit beroemd en kom met een portretinterview in de
krant. Wat moet ik dan zeggen?’
Ik maak van de gelegenheid gebruik om haar vraag proberen te
beantwoorden.
‘Ik denk dat ik het antwoord voor je heb. Nou ja, niet het
echte antwoord maar ik denk dat je zojuist langs het antwoord van je vraag bent
geschaafd. Je hebt het over kinderlijke eenvoud alsmede over jezelf verbeteren
maar dan niet resulterend in egoïstisch tokkiegedrag. Je wereld om je heen moet
je veel waard zijn, dus iets in de trant van ‘Steek energie in die mensen
waarvan je het ook terug krijgt’ maar ook gericht op verbetering van je eigen
‘ik’. Nu vraag ik aan jou, wat is het resultaat van beide inspanningen?’
Amie kijkt me even nadenkend aan en veert vervolgens
lichtjes op.
‘Geluk! Je wordt gelukkig van mensen om je heen waarom je
geeft en die om jou geven, maar je wordt ook gelukkig van iets doen wat je
daarvoor nog niet kon. Maar komt dat niet een beetje neer op dat vervelende
Carpe Diem?’
‘Ik denk van niet’ zeg ik resoluut, ‘Als je de dag plukt
probeer je het beste te maken van de dag die je overkomt zonder dat je zelf
initiatief neemt er iets moois van te maken. Het is een beetje passieve vorm
van geluk nastreven.’
‘Dus jij zegt dat het streven naar geluk het motto van het
leven is?’ vraagt ze.
‘Ja, sterker nog het is de zin van het leven. De zin van het
leven is het streven naar het doel van het leven.’
‘Wat is het doel dan?’
‘Het doel van het leven is in mijn ogen blijvend geluk. De
weg ernaar toe, de zin van het leven is streven naar blijvend geluk.’
‘Dus het motto als je ’s morgens opstaat is: Streef elke dag
naar blijvend geluk?’vraagt Amie.
‘Voor mij wel’ luidt mijn antwoord resoluut.
‘Goh’ zegt ze terwijl ze naar buiten kijkt. ‘Ik haal nog wat
te drinken.’
To be continued!

Geluk is heerlijk. Maar het voelen dat je naar geluk toe gaat is soms nog lekkerder. Ik heb het idee dat als je eenmaal het geluk hebt dit ook weer saai wordt, de sleur. Dus de vooruitgang in geluk is wat mij betreft nog beter dan het blijvende geluk.
Wanneer gaan we weer frisbeen???
ik denk dat ik het niet met je eens ben maar ik heb nu even geen tijd te reageren….ik kom hier op terug!!!!